ABSOLUUT !!

Bij gelegenheid van de jaarlijkse algemene vergadering van 17 mei 2016 heeft de directie van de NBB een duidelijke bevestiging gegeven:

Wanneer de Nationale Bank van België goud verkoopt, een eigen actief van de vennootschap, en er is

  • geen sprake van een arbitrage naar andere externe reservebestanddelen,
  • geen sprake van een verkoop aan de Koninklijke Munt,
  • een gewone omzetting van dit eigen actief naar een ander actief in euro uitgevoerd,
  • en er worden bij deze transactie meerwaarden gerealiseerd:
  • Dan worden deze gerealiseerde meerwaarden gewoon opgenomen in ” het lopend resultaat ” van dat jaar.
  • En dan zal de Regentenraad deze meerwaarden bestemmen:
    • ofwel naar de beschikbare reserve,
    • ofwel als een aan de aandeelhouders uit te keren dividend.

Volgende transactie roept dan toch bepaalde vragen op:

Uit het jaarverslag van de Nationale Bank van België

Over het jaar 1999 (pagina 79)

2. TOELICHTING BIJ DE JAARREKENING ACTIVA

1. GOUD EN GOUDVORDERINGEN

Per 31 december 1999 bedraagt de goudvoorraad, inclusief de goudvorderingen, 258,1 ton, d.i. een daling met 38,1 ton ten opzichte van 1 januari 1999. Deze vermindering van de goudvoorraad is toe te schrijven aan:

de OVERDRACHT, tegen een vordering IN EURO, van 27,1 ton goud, tegen marktwaarde, aan de Europese Centrale Bank, overeenkomstig Artikel 30 van de ESCB/ECB-statuten,

de overdracht, eveneens tegen een vordering in euro, van 11 ton goud, tegen de historische kostprijs, aan de Banque Centrale du Luxembourg, ingevolge de wet van 13 mei 1999 houdende instemming met het Intergouvernementeel Akkoord en Uitvoerings-protocol over een gemeenschappelijke interpretatie van de Protocollen met betrekking tot de monetaire associatie tussen België en Luxemburg,

en ten slotte een verkoop van 25 kg goud tegen marktwaarde aan de Koninklijke Munt van België.

De meerwaarden voortvloeiend uit de goudoverdracht aan de ECB belopen 177,1 miljoen euro.

Ze stemmen overeen met het verschil tussen de marktwaarde en de gemiddelde historische aanschaffingswaarde van het overgedragen goud.

Overeenkomstig Artikel 30 van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het Organiek Statuut van de Bank werden deze meerwaarden geboekt op een bijzondere onbeschikbare reserverekening, opgenomen onder subpost 9.3 “Overige Passiva, andere posten”.

Uit het zelfde jaarverslag van de Nationale Bank van België

Over het jaar 1999 (pagina 90)

9.3 Andere posten

Deze subpost omvat DE SCHULDEN met betrekking tot (…),
de door de Bank naar aanleiding van arbitragetransacties van activa in goud tegen andere externe reservebestanddelen gerealiseerde meerwaarde, die krachtens Artikel 30 van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België op een bijzonder onbeschikbare reserverekening (177,1 miljoen) is geboekt, (…)

Uit het jaarverslag van de Nationale Bank van België

Over het jaar 2002 (pagina’s 105 en 106)

10.3 DIVERSEN

Deze subpost omvat DE SCHULDEN met betrekking tot (…).
De vermindering van deze subpost is hoofdzakelijk het resultaat van de storting AAN DE STAAT, krachtens de wet van 10 december 2001 betreffende de definitieve omschakeling op de euro, van de vroeger gerealiseerde meerwaarde ten gevolge van ARBITRAGEVERRICHTINGEN van activa in goud, welke meerwaarde geboekt was op een speciale onbeschikbare reserverekening (177,1 miljoen), (…)

Extract uit de Wet van 10 december 2001

Artikel 5. In afwijking van artikel 30, eerste lid, eerste zin, van de wet van 22 februari 1998 tot vaststelling van het organiek statuut van de Nationale Bank van België, wordt de meerwaarde van 177.114.565,58 euro, die is gerealiseerd naar aanleiding van DE OVERDRACHT van activa in goud naar de Europese Centrale Bank, aan de Staat gestort, die dit bedrag bestemt voor de financiering van het Zilverfonds.

Het advies van de Europese Centrale Bank

Het advies van de ECB bevestigt:

  • dat er een eerder advies werd gevraagd,
  • dat de transactie GEEN arbitrage betrof, doch wel een overdracht,
  • welke tot gerealiseerde meerwaarden heeft geleid,
  • dat deze meerwaarde IN DE WINST- EN VERLIESREKENING mocht worden opgenomen, en in aanmerking kwam VOOR UITDELING.

Mijn eigen synthese

  • In haar jaarverslag bevestigt de NBB dat een overdracht van goud aan de ECB heeft geleid tot een gerealiseerde meerwaarde van 177.114.565,58 euro
  • In het bekomen Advies van de ECB wordt bevestigd dat het inderdaad om een overdracht gaat, en de meerwaarden inderdaad als gerealiseerd mogen worden beschouwd,
  • In de wet van 20 december 2001 wordt eveneens bevestigd dat de gerealiseerde meerwaarden het gevolg zijn van een overdracht.

Het bestuur van de NBB noemt zich een strikte opvolger van de bestaande Wetgeving, doch:

ondanks het feit dat de gerealiseerde meerwaarde het gevolg is van EEN OVERDRACHT, en dus NIET het resultaat is van EEN ARBITRAGE,

  • behandelt zij deze meerwaarden wel volgens de bepalingen van het Artikel 30 van haar Organieke Wet,
  • en boekt zij de meerwaarden WEL in de Onbeschikbare Reserverekening,
  • feit welke zij in de verbonden toelichting FOUT voorstelt wanneer zij aangeeft dat de boeking van 177.114.565,58 euro WEL het gevolg is van een arbitrageverrichting,
  • wanneer zij in 2002, in navolging van de Wet van 20 december 2001, deze meerwaarde overmaakt aan de Belgische Staat, verantwoordt zij deze afboeking opnieuw foutief, door te stellen dat deze het resultaat was van een arbitrage,
  • en verwijst zij in dezelfde toelichting naar de Wet van 20 december 2001, waarin echter correct gesteld werd dat deze het gevolg was van een overdracht,
  • gaat zij in tegen het eerder gevraagd en ontvangen advies van de ECB, die duidelijk stelt dat deze gerealiseerde meerwaarden in de winst- en verliesrekening mochten worden opgenomen, en in aanmerking kwam voor UITDELING !

Deze OVERDRACHT van 27,10 ton goud is gebeurd tegen een vordering op de ECB, luidend IN EURO.

De overdracht kan dus onmogelijk als EEN ARBITRAGE worden beschouwd:

In ruil heeft de NBB immers een in euro luidende rentedragende vordering op de ECB bekomen, en geen officiële externe reservebestanddelen:
de rentedragende vordering op de ECB (balans: 8.2 Vorderingen op de ECB uit hoofde van overdracht van externe reserves) maakt GEEN deel uit van de officiële externe reserve-activa van de NBB.

De stelling van het bestuur van de NBB (zie: Algemene Vergadering van 17 mei 2016) bevestigt het advies van de ECB:

in deze gevallen komen de gerealiseerde meerwaarden NIET in de onbeschikbare reserverekening terecht, doch WEL in de winst- en verliesrekening van het lopende jaar!

En wanneer de ECB “een uitdeling” toestaat, dan had het in dit geval absoluut een UITDELING ONDER DE VORM VAN EEN DIVIDEND moeten zijn !!
Aan alle eigenaars van de vennootschap !!

En geen nieuwe wegschenking van eigen vermogen aan de Belgische Staat !!

Aan het bestuur van de vennootschap NBB:

De Europese Centrale Bank is gemachtigd om ten allen tijde bijkomende overdrachten van de goudvoorraad van de NBB te gelasten,

  1. Welke behandeling zullen de dan gerealiseerde meerwaarden dan krijgen?
  2. Welke actie zal het bestuur ondernemen om de particuliere aandeelhouders schadeloos te stellen voor de gederfde 442,79 euro per aandeel, verbonden aan de besproken overdracht ??