DE WINST VAN DE VENNOOTSCHAP

DE WINST:

  • is het positieve verschil tussen opbrengsten en kosten, na belastingen,

  • is een voorwaarde voor de vennootschap om op langere termijn te overleven,

  • winstverlies
  • is nodig voor het in stand houden en/of het uitbreiden van de vennootschap zelf,

  • is een vergoeding voor het gebruik van kapitaal en de gelopen risico’s,

  • draagt er toe bij dat de centrale bank zich onafhankelijk kan opstellen van haar aandeelhouders en van haar Soevereine Staat.

Deze gepubliceerde winst- en verliesrekening van een Nationale Centrale Bank geeft een overzicht van de verschillende componenten om tot de netto-winst na belastingen te komen.

DE NETTO WINST  =   EIGEN VERMOGEN VAN DE VENNOOTSCHAP.

 


BESTEMMING WINSTEN : RESERVEREN EN/OF DIVIDEND ?

Aan het winstsaldo van een vennootschap kunnen twee bestemmingen worden gegeven:

  1. Een toevoeging aan de reserves van de vennootschap;

  2. Een uitkering van de winsten:

    • als dividend: aan de aandeelhouders, als vergoeding van het kapitaal;

    • als tantièmes: uitkeringen aan bestuurders;

    • uitkeringen aan andere rechthebbenden (vb. personeel, in het kader van winstparticipatieplannen).

Bij de Nationale Bank van België moeten we echter vaststellen dat een heel belangrijk deel van de netto winsten jaarlijks wordt overgedragen aan de Belgische Staat.

Een uitkering van eigen vermogen, dat niet bestemd is voor de aandeelhouders? WAAROM ??


WAAROM ??  JA, WAAROM ??hd-3d-question-mark-image-0

Jaarverslag 2015

1) 2.2.3 Winstverdeling (pagina 53):

Winst van het boekjaar:  550.196.000 euro

(…) 4: “Het saldo wordt toegekend aan de Staat.
Het is vrijgesteld van vennootschapsbelasting.”:      220.934.000 euro
Zonder meer.

2) 2.2.7.6 De verbonden toelichting nr 36 (pagina 83):

“De jaarlijkse winsten worden, overeenkomstig artikel 32 van de Organieke Wet, op volgende wijze verdeeld (in euro miljoen):

(…) 4: “Het saldo wordt toegekend aan de Staat.
Het is vrijgesteld van vennootschapsbelasting.”:     220,9 miljoen euro
Zonder meer.

3) 2.1.1.3 Winstverdeling (pagina 35):

(…)  “Krachtens de Organieke Wet van de Bank wordt het saldo van de winst toegewezen aan de Staat. Voor 2015 bedraagt het 220,9 miljoen euro.”
Zonder meer.

4)  7. Winstverdeling (pagina 62):

“Krachtens artikel 32 van de organieke wet worden (…)
4: het saldo wordt toegekend aan de Staat. Het is vrijgesteld van vennootschapsbelasting.”
Zonder meer.

5)  Het artikel 32 van de Organieke Wet:     Het artikel 32

(…) 4: “het saldo wordt toegekend aan de Staat; het is vrijgesteld van vennootschapsbelasting.”
Zelfs de wettekst: opnieuw zonder enige verklaring.

Begrepen:  ik denk dat het saldo van de winst voor de Staat is.  Belastingvrij.
MAAR WAAROM DAN TOCH ??

IS HET WEGSCHENKEN VAN EIGEN VERMOGEN DAN ZO EVIDENT ??



WAAROM ??  NOG EVEN VERDER ZOEKEN DAN MAAR.

VERGROOTGLAS

  1. Dan toch ergens in het jaarverslag:
    2.1.2.1 Beheer van de financiële risico’s (pagina 37)

    en, omdat men het over “seigneuriage-inkomsten” heeft, nog even verder gezocht:

  2. Een brochure van de NBB uit 2010: “Geld en monetair beleid (pagina 5)

 

De beide teksten welke het jaarlijks wegschenken van honderden miljoenen euro’s eigen vermogen van de vennootschap moeten verantwoorden:   de seigneuriage – inkomsten

  • ergens onder “financiële risico’s” (??) in het jaarverslag

  • en dan nog wat in een brochure (??), uitgegeven om het publiek te (noem het maar des-)informeren (??).

(Voor de toelichtingen en opmerkingen:  zie de pagina “Seigneuriage”)

ALWEER GEEN TRANSPARANTIE. DUS … ?


DE EMISSIE VAN EUROBANKBILJETTEN BINNEN HET EUROSYSTEEM:

Met uitzondering van de ECB zelf geeft elke nationale centrale bank binnen het Eurosysteem bankbiljetten in euro uit.
Wat de NBB noemt: “zij deelt het emissierecht” met alle NCB’s van het ESCB.

Uit het jaarverslag 2015 (pagina 59): Boekhoudkundige principes

5. Bankbiljetten in omloop:
De ECB en de NCB’s van de landen die zijn overgegaan op de euro, die samen het Eurosysteem vormen, geven eurobankbiljetten uit.
De totale waarde van de eurobankbiljetten
in omloop wordt toegedeeld op de laatste werkdag van elke maand, in overeenstemming met de verdeelsleutel voor de toedeling van bankbiljetten.

Van de totale waarde van de biljetten in omloop is een aandeel van 8 % toegewezen aan de ECB, terwijl de overblijvende 92 % is toegewezen aan de NCB’s naar rato van hun gestorte aandeel in de kapitaalsleutel van de ECB.

Het aandeel bankbiljetten dat zo aan elke NCB is toegedeeld, wordt vermeld onder de passiefpost ‘Bankbiljetten in omloop’ van haar balans.
Het verschil tussen de waarde van de eurobankbiljetten die aan elke NCB worden toegedeeld naar rato van de desbetreffende verdeelsleutel en de waarde van de eurobankbiljetten die door elke NCB daadwerkelijk in omloop worden gebracht, geeft aanleiding tot saldi binnen het Eurosysteem.

Deze vorderingen of verplichtingen, die rentedragend zijn, worden vermeld onder de subposten “Nettovorderingen of nettoverplichtingen uit hoofde van de toebedeling van eurobankbiljetten binnen het eurosysteem”.

euro_geldpers

OFWEL :

Aan de globale omloop bankbiljetten van het ESCB is ook een globaal rentevoordeel verbonden.
Dit voordeel wordt over alle NCB’s gedeeld:

  • zij die teveel bankbiljetten zelf hebben uitgegeven t.o.v. hun aandeel in die globale omloop,

  • hebben ook teveel rentevoordeel genoten,

  • en zij betalen dit teveel aan rentevoordeel gewoon door aan die NCB’s welke beneden de verdeelsleutel hebben uitgegeven.

  • Deze regeling wordt berekend tegen “de rente van de basisherfinancieringstransacties”.

Op die manier wordt “het seigneuriagevoordeel” verdeeld over alle NCB’s.


De Nationale Bank van België is een NCB, en maakt ook wat betreffende de uitgifte van bankbiljetten in euro onderdeel uit van het ESCB.

Net zo min wat betreft de eigendomsrechten over de officiële externe reserves, is zij zeker ook geen uitzondering wat betreft de uitgifte van bankbiljetten, en de hieraan verbonden seigneuriagevoordelen!

Een vergelijking met de ECB maakt heel veel, zo niet alles, duidelijk.

nbb

1) De Nationale Bank van België:

De relevante cijfers en balansposten in het jaarverslag van de NBB (2015)

Verduidelijking:

  1. Per 31/12/2015 werd aan de NBB een aandeel van 35.068,8 miljoen euro in de totale bankbiljettenomloop van het ESCB toegewezen (toelichting 8, pagina 72).
    Dit aandeel in de globale omloop kan de NBB als eigen schulden op het passief van haar balans boeken (rubriek 1. Bankbiljetten in omloop);

  2. Van dit toebedeeld bedrag heeft zij zelf een bedrag van 23.239,9 miljoen in omloop gebracht (toelichting 8, pagina 72);

  3. Voor het verschil (11.846,9 miljoen euro) heeft zij een rentedragende vordering binnen het eurosysteem.
    Dit bedrag wordt geboekt op het actief van haar balans (rubriek 8.3 Nettovorderingen uit hoofde van de toebedeling van eurobankbiljetten binnen het eurosysteem);

  4. Deze 1) aandelen in de globale omloop en 2) de rentedragende vorderingen worden maandelijks bepaald.
    Vandaar dat uit de Toelichting 24. Nettorentebaten blijkt dat de NBB, voor een gemiddeld volume (over 2015) van 12.595,8 miljoen euro een rentevergoeding ontvangen heeft van 6,4miljoen euro (ofwel een vergoeding tegen 0,051 %).

ECB_Frankfurt

2) De Europese Centrale Bank (ECB):

De relevante informatie uit het jaarverslag van de ECB

Ter verdere informatie:
Main drivers of the ECB financial accounts (nr 111 van 05/2010)

Verduidelijking:

1) Uit de totale bankbiljettenomloop van het ESCB wordt aan de ECB een aandeel van 8 % toegewezen, ofwel een bedrag van 86.674,47 miljoen euro.
De ECB boekt dit bedrag als eigen schulden op het passief van haar balans;

2) Vermits de ECB zelf geen bankbiljetten uitgeeft, staat dit zelfde bedrag geboekt op het actief van haar balans, in rubriek 5.1  “Vorderingen uit hoofde van de toebedeling van eurobankbiljetten binnen het eurosysteem” (net zoals de NBB dit doet);

3) Op deze eigen bankbiljettenomloop ontvangt zij een rentevergoeding van 41,99 miljoen euro (op de gemiddelde omloop berekend dus, ofwel tegen een rentevoet van 0,048 %);

3) Deze rentevergoeding:

*) wordt geboekt in “Rentebaten uit de toebedeling van eurobankbiljetten binnen het Eurosysteem” (rubriek 22.2).
Welke een rubriek uit de winst- en verliesrekening is van de centrale bank;

*) is het resultaat van een effectieve berekening, en niet het gevolg van de totale willekeur waarmee het bestuur van de NBB één en ander wil vergoeden;

*) is de vergoeding voor een bankbiljettenomloop welke eind 2015 ongeveer 2,5 keer groter is dan die van de NBB, hetgeen voor de NBB geen bezwaar blijkt te zijn om de Belgische Staat een seigneuriagevoordeel te willen geven welke meer dan 5 keer hoger ligt dan het voordeel welke de ECB geniet;

 *) wordt in elke communicatie van de ECB letterlijk omschreven als “de SEIGNEURIAGE-INKOMSTEN van de ECB”;

*) waarbij het ook duidelijk moet zijn dat ook de ECB met seigneuriagevoordelen bedoelt:

**) het feit dat zij over het vreemd vermogen, aangetrokken ter vervanging van de haar toegewezen bankbiljettenomloop, rente heeft moeten betalen, doch hiervoor gecompenseerd wordt vanuit de ESCB.
En op die manier ook over een deel gratis vreemd vermogen beschikt;

**) en zeker NIET de opbrengsten en meerwaarden verkregen uit de activa waarin zij haar bankbiljettenomloop heeft belegd.

GEZIEN ZOWEL  DE ECB ALS  DE NBB  DEEL UITMAKEN VAN  HET ESCB:

WELKE ARGUMENTEN KAN DE NBB AANREIKEN
OM EEN TOTAAL ANDERE INVULLING TE GEVEN AAN HET BEGRIP
SEIGNEURIAGE-INKOMEN  ??

N.v.d.r.: eigenlijk bevindt de ECB zich in de situatie welke The Riksbank beschrijft: als de centrale bank geen bankbiljetten kan uitgeven zou zij zich op alternatieve manier moeten financieren. De ECB geeft niet zelf biljetten uit, financiert zich op een andere manier, doch heeft wel recht op de voordelen verbonden aan (8 % van) een bankbiljettenomloop.

VERDERE PASSAGES:

  • (Jaarverslag 2015, pagina A 17): ” de rente op de basisherfinancieringstransacties daalde, en daardoor liepen de seigneuriage-inkomsten van de ECB sterk terug.
    In 2015 bedroeg de gemiddelde rente 0,05 %, vergeleken met 4 % in 2008.
    Daardoor daalden de rentebaten uit de bankbiljetten in omloop van 2,2 miljard euro in 2008 naar 0,04 miljard in 2015. “

  • (Jaarverslag 2015, pagina A 16): uit de grafische voorstellingen blijkt duidelijk de relatie tussen de seigneuriagevoordelen enerzijds en de rentevoeten anderzijds.
    De rentebaten uit de toebedeling van bankbiljetten evolueert van veruit de belangrijkste post (in 2008) naar een onbestaande vergoeding over 2015;

  • (Occasional Paper 111, pagina 5 en 6, vrij vertaald):
    Seigneuriage-inkomsten zijn sterk afhankelijk van de rentevoeten.
    Een sterke vraag naar bankbiljetten in euro heeft de bankbiljettenomloop van de ECB met factor 3 doen toenemen over de periode 2002 – 2009, doch de seigneuriage-inkomsten vielen terug van 2,23 miljard in 2008 naar 0,787 miljard in 2009. “(N.v.d.r.: het jaarverslag van de ECB over 2015 leert dat deze evolutie zich gewoon heeft verder gezet);

  • (Occasional Paper 111, pagina 19 tot 21): bevestiging van de relatie van het seigneuriagevoordeel met de rentevoeten.


DE NATIONALE BANK VAN BELGIË WIL OP DEZELFDE MANIER TE WERK GAAN ALS DE ANDERE LANDEN WELKE TOEGETREDEN ZIJN TOT HET EUROPEES STELSEL.

ZIJ NEGEERT HIERBIJ HET FEIT DAT DEZE ANDERE LANDEN BELASTINGGELDEN HEBBEN AANGEWEND OM OVER ALLE EIGENDOMSRECHTEN OVER HET VERMOGEN VAN HUN CENTRALE BANKEN TE BESCHIKKEN. EN WIL HETZELFDE RESULTAAT BEREIKEN VIA TOTAAL FOUTE TUSSENKOMSTEN VAN DE WETGEVER, ZONDER ENIGE PASSENDE COMPENSATIE VOOR DE AANDEELHOUDERS.

DE INGREEP IN 2009 MET BETREKKING TOT DE WINST, ONDER HET VOORWENDSEL VAN “HET RECHT OP HET SEIGNEURIAGEVOORDEEL VERBONDEN AAN HET EMISSIERECHT”, IS HIER OPNIEUW EEN FLAGRANT VOORBEELD VAN.
MET HEEL ERNSTIGE GEVOLGEN VOOR HET VERMOGEN VAN DE VENNOOTSCHAP ZELF, MAAR VOORAL VOOR DE PARTICULIERE MINDERHEIDSAANDEELHOUDERS.

warning_orig

OMTRENT DE ENORME FINANCIËLE GEVOLGEN VAN

HET MISBRUIK VAN “HET SEIGNEURIAGEVOORDEEL”

WORDT EEN BEREKENING OPGENOMEN OP DE PAGINA Respect

DOSSIERS / BELANG VAN DE VENNOOTSCHAP“.

 

 


%d bloggers liken dit: