DE RECHTEN VAN DE AANDEELHOUDERS VAN DE NBB


DE NATIONALE BANK VAN BELGIË nv werd krachtens de wet van 8 mei 1850 opgericht, volledig met privé kapitaal. De voornaamste doelstelling van de vennootschap was de emissie en het gebruik van bankbiljetten organiseren en bevorderen, een activiteit waarvoor zij het monopolie verkreeg.
Belangrijk hierbij was het vertrouwen in dit “fiduciaire geld” te garanderen. Hiertoe diende de NBB zich te houden aan bij wet opgelegde dekkingscoëfficiënten: voor elke in omloop gebrachte hoeveelheid bankbiljetten (haar passiva) diende zij een wisselende hoeveelheid goud (of soms andere metalen) aan te kopen. Die regels werden opgenomen in de Statuten en Organieke Wet van de bank.

GebouwNBB

De evolutie van deze vennootschap werd uitgebreid en gedetailleerd vastgelegd in talrijke boeken die de monetaire geschiedenis van ons land beschrijven, de “Tijdschriften voor Documentatie en Voorlichting” van de NBB zelf, haar jaarverslagen, haar jaarlijkse balansen, en vele andere.

De Nationale Bank van België nv groeide uit tot één van de belangrijkste en meest respectabele vennootschappen van ons land. De aard van haar activiteiten en de macht waarover zij beschikt maken gewoonweg dat totale betrouwbaarheid en onafhankelijkheid, ten allen tijde zelf boven alle verdenking staan, van onschatbaar belang zijn.

In haar nu meer dan 165-jarige bestaan is men er bij NBB meestal in geslaagd deze eigenschappen te bewaren. In de jaren 1930 kwam de reputatie van de NBB echter een eerste keer in ernstige mate in het gedrang.
Na ” DE STERLINGKWESTIE “ kwam de affaire “Sap versus Van Zeeland”, die  uitgroeide tot wat men
” HET SCHANDAAL VAN DE NBB “ is gaan noemen.
Twee verhalen van vervalste boekhouding, verdoken reserves, budgetten om de pers en media “gunstig te stemmen”, verloning van directeurs van de NBB buiten het oog van de fiscus om, enz
.
(voor bespreking: zie pagina “Recidivisme!!”)

Pas in 1948 is de Belgische Staat toegetreden tot het kapitaal van haar centrale bank, periode waarin alle andere landen hun centrale bank volledig nationaliseerden. Hun privé-aandeelhouders werden tegen een normale vergoeding uitgekocht, en er werden dus belastinggelden aangewend om de eigendomsrechten over het vermogen van hun centrale banken te verkrijgen.
De manier waarop de Belgische Staat is toegetreden tot het kapitaal van de vennootschap is zonder twijfel schandalig te noemen. En was in ieder geval de eerste van een lange reeks feitelijke onteigeningen zonder passende compensatie van de privé aandeelhouders.

Doorheen haar geschiedenis heeft de Wetgever de NBB steeds meer opdrachten “van openbaar belang” opgedrongen, waardoor zij verworden is tot een vennootschap waar particuliere aandeelhouders gewoonweg geen plaats meer hebben (zie o.a. “Standpunten”).
Erger hierbij is dat de Staat dit nooit heeft willen inzien, en hiertoe de noodzakelijke stappen nooit heeft willen zetten (in navolging van het goede voorbeeld van andere landen). Wel in tegendeel, meer en meer geconfronteerd met de gevolgen van haar foute keuzes, is men begonnen aan wat men later zeker ” HET TWEEDE SCHANDAAL VAN DE NBB ” zal gaan noemen. Al gaat het dit keer om een schandaal op absoluut veel grotere schaal dan in 1935.

Omdat de Belgische Staat gewoonweg niet in dezelfde situatie zit van nagenoeg alle andere Staten, doch voor bepaalde problemen wel dezelfde oplossingsmethodes wenst(e) te volgen, heeft men (vooral) in 1989 en 1998 (nogmaals) fundamenteel verkeerde keuzes gemaakt.
Men wil deze opeenvolging van foute beleidskeuzes nu corrigeren door ons EEN VERHAAL op te dringen, een verhaal waarbij men er zelfs niet voor terug deinst onze monetaire geschiedenis te willen herschrijven. Opnieuw wil men er zich bij de NBB toe lenen haar boekhouding een belangrijke rol te laten spelen!

Al gaat haar rol hier veel verder dan dat. De NBB is nu reeds enkele jaren op een manier aan het werken die een centraal bankier en een toezichthouder absoluut onwaardig zijn.

  • Als het Parlement (via misbruik van haar wetgevende macht) beslag wil leggen op de (goud)activa van haar centrale bank, dan moet de NBB zich daar tegen verzetten! En als de Regering haar daden daarna wil vergoelijken of camoufleren, dan mag zij daar niet actief aan meewerken!

  • Als de foute wetgeving gevolgen heeft op het vermogen van de centrale bank (en haar aandeelhouders), dan mag zij zich er niet toe lenen die gevolgen buiten haar balans te houden! Ik zal het hierna nog stellen: ” De balans moet op elk moment de spiegel zijn van de vennootschap ! “;

  • En wil men als toezichthouder het nodige gezag en respect behouden, moet men daar zeker extra aandacht aan geven!

Nagenoeg alle centrale banken ter wereld hebben uitsluitend hun respectievelijke Staat tot aandeelhouder. De Nationale Bank van België heeft een gemengd aandeelhouderschap, met vooral particuliere aandeelhouders.
Het belang om dit onderscheid te maken kan echt niet groter zijn!  (zie hiertoe “Aandachtspunten” en “Standpunten”).

Men kan en mag zich niet gedragen alsof “NBB een centrale bank is zoals een andere”, en daarbij de aanwezigheid van die particuliere aandeelhouders gewoon negeren! 



Als gevolg van de tussenkomsten van de Wetgever:

  1. Werd het vermogen van de vennootschap NBB aangetast, werden haar belangen en die van haar aandeelhouders flagrant geschaad;

  2. Werden de particuliere aandeelhouders van de NBB onbetwistbaar onteigend. Deze onteigening gaat nog dagelijks verder;

  3. werd de centrale bank van ons land beperkingen opgelegd inzake het gebruik van haar eigen vermogen, waardoor zij niet meer op onafhankelijke wijze (van de Belgische Staat) zal kunnen functioneren op het moment dat zij belangrijke verliezen mocht gaan lijden;

  4. blijven de particuliere aandeelhouders belangrijke risico’s lopen door deze beperkingen en ingrepen in het eigen vermogen van de Nationale Bank van België nv:

    1. door de ingreep in de jaarlijkse winstverdeling worden telkens opnieuw enorme bedragen gerealiseerde winsten (eigen vermogen) aan de Belgische Staat uitgekeerd (waardoor deze niet aan de reserves kunnen worden toegevoegd);

    2. naast de overdrachten van de goudmeerwaarden uit het verleden (enorme bedragen eigen vermogen die niet langer als buffer beschikbaar zijn) blijven de wettelijke beperkingen op het vrije gebruik van die goudmeerwaarden onverkort bestaan (en zijn deze niet inzetbaar om die verliezen op te vangen);

    3. waardoor bij belangrijke verliezen in de eerste plaats de opgebouwde reserves (eigendom van de aandeelhouders, want hen niet uitgekeerde winsten) zullen worden aangesproken (en verloren gaan),

    4. en, indien deze ontoereikend zouden blijken te zijn, diezelfde particuliere aandeelhouders niet alleen hun totale investering en opbrengsten zullen verliezen, maar bovendien riskeren uit het kapitaal van de NBB te worden uitgedreven (want zij zullen een dan noodzakelijke kapitaalsverhoging niet kunnen volgen) !


Verdere toelichtingen krijgt u via de volgende tabbladen, en een synthese via: ” Situering “.

De verantwoordelijken van de Nationale Bank van België, in samenwerking met haar hoofdaandeelhouder, hebben deze zaak (heel bewust) veel te moeilijk gemaakt om ze hier in enkele regels te beschrijven. In de feiten is ze nochtans heel simpel, en u zal merken dat er niet veel tijd noch moeite nodig is om ze te begrijpen. Om u een oordeel te kunnen vormen, en hopelijk passend te zullen handelen.
Dit verhaal is echt niet enkel voor de aandeelhouders van NBB van groot belang! Het respect voor onze grondwettelijke eigendomsrechten belangt ons allemaal aan!!

EconomistActivisme

 

%d bloggers liken dit: